Nieuws

Hoe staat Avans Hogeschool ervoor? Die balans maakte de hogeschool voor de tweede keer op in het rapport De Staat van Avans. Het doel is om met een allesomvattende blik te kijken naar wat er zich binnen de muren afspeelt, van studentenwelzijn tot het welzijn van de medewerkers. En van behoud van studenten tot de instroom. “Het rapport is geen oordeel, maar een aanleiding tot dialoog”, stellen Jacomine Ravensbergen, vice-voorzitter van het College van Bestuur en onderzoeker Jessica Nooij.

Bindend studieadvies Avans Hogeschool

In het licht van een aantal actuele ontwikkelingen, zoals het deze week verschenen rapport van het Trimbos-instituut, vormen onderwijsinnovatie, het bindend studieadvies (bsa) en studentenwelzijn de rode draad tijdens het gesprek. Ravensbergen en Nooij geven aan wat de samenhang is tussen de verschillende elementen. Beiden verwijzen ze ook regelmatig naar het onlangs gepubliceerde rapport de Staat van het Onderwijs, waar eveneens de uitdagingen in het hoger onderwijs worden benoemd.

Hoe zorg je ervoor dat de student die start bij Avans op een zo goed mogelijke manier zijn of haar opleiding doorloopt? En hoe zorg je ervoor dat de organisatie dat kan behappen? Dat zijn de kernvragen die alles verbinden. Want alles hangt samen, benadrukken Ravensbergen en Nooij. “Je moet met een holistische blik naar onze organisatie kijken.”

Bindend studieadvies

Dat begint met een bredere blik op het bindend studieadvies, stelt Jessica Nooij: “Ik denk dat wij soms onderschatten dat het bsa eigenlijk maar op één component van het leren stuurt: het tempo. Het heeft heel weinig te maken met ‘kun je het hoger onderwijs überhaupt aan?’” Als selectiecriterium is het bsa hiervoor minder geschikt. “We zien dat studenten door verschillende redenen dat tempo niet aankunnen, waaronder hun welzijn.”

Daarom vraagt het begeleiden van studenten om een andere aanpak, stelt de onderzoeker. “We hebben heel veel onderzoek en data in het hoger onderwijs over hoe het gaat, maar we hebben erg de neiging om naar elk stukje data apart te kijken. Want hoe verhoudt het welzijn van de student zich bijvoorbeeld tot het welzijn van de docent?”

In de coronaperiode is 3 jaar lang, in navolging van de politieke context en de versoepelingen in het voortgezet onderwijs, ook in het hoger onderwijs met elkaar afgesproken om geen negatief bindend studie advies te geven. Ravensbergen: “Als je kijkt hoe die studenten het nu doen, dan is de conclusie dat dit best goed gaat. Dat betekent dat studenten die normaliter met minder dan 52 studiepunten in het eerste jaar een negatief bindend advies zouden hebben gekregen, voor een deel onterecht zouden zijn weggestuurd”.

Behoud

Landelijk gezien scoort Avans op de kwaliteit van het onderwijs zeer goed en ook de studieuitval is relatief laag. Ravensbergen: “Wij willen meer aandacht voor behoud van de studenten. Dat doen we door een warme onboarding: de eerste 100 dagen hebben we veel aandacht voor de persoonlijke verwelkoming. We willen dit beleid versterken omdat we zien dat sociale en academische binding veel meer opleveren in het stimuleren van studentsucces dan de nadruk op selectie in de propedeuse. Een bsa brengt ook verstrekkende gevolgen met zich mee: studenten kunnen met een bsa niet meer dezelfde opleiding bij dezelfde instelling doen. We weten dat een substantieel deel van deze studenten het jaar daarna dezelfde opleiding bij een andere instelling wel haalt. Zo’n student heeft blijkbaar wel de kwaliteit en de motivatie, het is dus zonde om hem of haar niet bij Avans te laten doorstuderen maar met een jaar vertraging elders.”

Daarnaast maakt de overgang van het voortgezet onderwijs naar het hoger onderwijs het lastig voor studenten, vult Nooij aan. “Dat transitiemoment is eigenlijk een heel kwetsbaar moment in de ontwikkeling van de student, waar wij veel druk op tempo leggen. Dat speelt nog meer bij de generatie die in coronatijd is begonnen.” Dat komt hun welzijn niet ten goede, ook omdat onderzoek aantoont dat afnemend welzijn onder jongeren al voor covid-tijd plaatsvond.

Modulair onderwijs

De invoering van het nieuwe onderwijs levert mogelijkheden op. De eerste opleidingen starten aanstaande september en alle andere opleidingen in september 2024. Dat nieuwe onderwijs is modulair, waarbij de studenten hun eigen route kiezen. Ondersteund en geadviseerd door een studieadviseur. Ravensbergen stelt: “Dat geeft flexibiliteit en ruimte, maar je zult ook meer eigen verantwoordelijkheid moeten nemen voor je studie. Je krijgt gelegenheid om te ervaren welke opleiding en welk beroep goed bij je past. En als je niet goed hebt gekozen, kun je naar andere modules switchen en daarmee naar een andere opleiding. Al met al minder keuzestress vooraf en minder gevoelde tijdsdruk in het eerste jaar. Wat hetzelfde blijft is dat je aan alle tentamen-, stage- en andere verplichtingen moet voldoen.”

Nooij: “Ik denk dat Jacomine gelijk heeft. De taak van de student verandert in die zin niet, die moet nog steeds leren en kan niet eeuwig blijven studeren. Dat is voor iedereen onvoordelig. Hier moet je de student in begeleiden en helpen om vertraging te voorkomen. Je moet je dan afvragen wat de winst is van dat bindende advies. Met andere woorden, het bsa is in het nieuwe onderwijsmodel geen effectief instrument om duidelijk te krijgen of het hoger onderwijs bij een student past.”

Welzijn

Sturen op tempo zoals met het huidige bindende advies gebeurt, heeft nog een ander nadeel, stelt Nooij: “Een bepaalde mate van stigmatisering. Als jij bijvoorbeeld al het eerste of tweede tentamen niet hebt gehaald, krijg je al het stigma vertragen. Wij zien dat er een correlatie is tussen studenten die achterlopen op schema en hun welzijn. Wat het oorzakelijke verband is, weten we nog niet. Of ze eerst een probleem hadden met hun welzijn en daardoor vertragen, of dat ze vertragen en dat het daardoor slechter gaat met ze. We zien daar een vicieuze cirkel ontstaan. In het huidige systeem heeft een student daardoor weinig mogelijkheden om in te halen, en valt daardoor vaak vrij vroeg in de race al uit.”

“Laten wij ons veel meer richten op het behoud van de student binnen het hoger onderwijs. Degenen die wel in één keer hun weg vinden: prima. Die studenten kunnen bij Avans ook terecht. Sterker nog, als zij een beetje slim hun modules kiezen en 2 student journey’s realiseren, heb je zomaar de kans dat ze voldoen aan de eisen van 2 diploma's aan het eind. Daarmee is het modulaire systeem ook uitdagend voor studenten met bovengemiddelde ambitie”, aldus de bestuurder.

Welzijnsmonitor voor medewerkers

Hoe zorg je ervoor dat je met al die verschillende wegen, de nadruk op persoonlijke aandacht en de begeleiding van individuele student journeys de druk niet verplaatst naar naar de docent? Nooij: “Terechte vraag. Ik denk dat we veel meer aandacht moeten hebben voor medewerker en docent journeys. Dat we goed kijken wat voor hen nodig is. We moeten niet alleen professionele studenten afleveren, maar ook onszelf als instelling voortdurend professionaliseren. Als we keuzes maken aan de kant van de student, dan moeten we die ook maken aan de kant van de docent en de ondersteuning van het onderwijs. Dat bedoelen we ook met dat holistische beeld.”

Ravensbergen is zich hiervan bewust. “Daarom hebben wij veel geïnvesteerd in de begeleiding van de teams die aan het nieuwe onderwijs werken. Er zijn tijdelijk meer docenten aangenomen, voor de ontwikkeling van het nieuwe onderwijs maar ook voor het lopende onderwijs. Een transitieteam ondersteunt alle ontwikkelingen en zorgt voor het leren van elkaar en het delen van kennis. Er is, binnen de  kaders van het onderwijsmodel, professionele ruimte voor de docenten die aan de nieuwe opleidingen werken, zoals de onderwijskundige principes, de verhouding blended en fysiek onderwijs, de mate van co-creatie met het bedrijfsleven, etc. We verwachten niet van onze medewerkers dat alles maar tegelijk moet. Desondanks zijn onze medewerkers er heel druk mee.”

In de Staat van Avans valt bovendien te lezen dat medewerkers druk ervaren, met vaak terugkerende piekbelasting. Ook het ziekteverzuim is iets toegenomen. “Dat zien we ook landelijk”, benadrukt Nooij. “En landelijk is niet het hele onderwijs met dezelfde transitie bezig. Dus ook hier zie je, net als bij het studentenwelzijn, trends die niet specifiek zijn voor Avans, maar wel aandacht en actie van ons vragen.”

Om het welzijn van de medewerkers beter in beeld te brengen, gaat ze daar samen met het lectoraat van John Dierx verder verdiepend onderzoek naar doen. “Kunnen wij hier ook verklarende modellen onder leggen? En wat is er qua beleid nodig om niet alleen de student te beschermen, maar ook de medewerker te helpen om technieken te ontwikkelen om hen bij te staan? Voor studenten hebben wij al een welzijnsmonitor als instrument voor interventies en voor monitoring. Een welzijnsmonitor voor medewerkers staat hoog op de verlanglijst.”

One-size-fits-all

Uit het onderzoek de Avans Ambitiemonitor blijkt dat het interne draagvlak hoog is. Dat sterkt Ravensbergen in de goede afloop in de overstap naar het nieuwe onderwijs. “Zo’n 75 tot 80 procent van de medewerkers is enthousiast, en zelfs 95 procent van de studenten. Ik heb heel veel vertrouwen in Avans als organisatie, en in de mensen. We hebben zo’n historie van onderwijsvernieuwing. Alleen toen deden we het per opleiding, of slechts een deel van het curriculum. Nu vernieuwen we alle opleidingen tegelijk.” Tegelijk wil ze ook weten van de medewerkers die minder enthousiast zijn wat hen belemmert.

Het gaat, onderstrepen beiden nogmaals, om de blik op de hele organisatie. “De aanname is dat de nieuwe leeromgeving die wij bieden, de student beter helpt om de transitie naar hoger onderwijs te maken. En meer keuzes biedt om de persoonlijke leerweg te kiezen die bij hem past. Niet alleen voordat ze binnenkomen, maar ook nadat ze al zijn begonnen.”

Aanpassing van het bindend studie advies past daar helemaal bij. Ook omdat het bsa een one-size-fits-all-maatregel is, vinden Ravensbergen en Nooij. “Terwijl wij bij Avans veel meer persoonlijk willen kijken naar de ambitie en de begeleiding van de student. Dat past beter bij Avans, onze visie op onderwijs en bij onze waarden: maatschappelijk betrokken, ambitieus en persoonlijk.

Avans Review

De Avans Review is een jaarlijks moment van stilstaan en reflectie, als onderdeel van de kwaliteitscyclus. Aan de hand van een inhoudsrijkgesprek met 100 Avansstudenten, -alumni, - medewerkers en externe praktijkpartners wordt gereflecteerd en nagedacht over vervolgstappen. 

Lees het verslag van de laatste editie op BijAvans.